Fietstocht

Afbeeldingsresultaat voor filosoof

 

Tijdens de fietstocht van het station naar huis remde ik bij een zebrapad af om een oudere dame voorrang te verlenen. Ze glimlachte dankbaar naar me. Een bevredigend gevoel van nobelheid spoelde over me heen. Gevolgd door een fluisterende schaamte over de plotselinge zelfgenoegzaamheid over mijn nietszeggende gebaar. En weer daarna melancholie. Zijn we zo asociaal geworden dat een simpele opvolging van de verkeersregels gevolgd door een wederzijds vriendschappelijk knikje kan worden gezien als weldaad? Verknocht aan onze iPhone of tablet lopen we als eenlingen door de digitale tunnel van de moderne wereld. Onbewust van het bestaan van een tastbare buitenwereld vol met mensen en kansen op echte interactie. Tinderfoto’s opzij schuivend zitten we met oogkleppen op naast elkaar in de bar. Niet in staat de moed te vinden om een gesprek aan te knopen met een echt persoon. Op Facebook verzamelen we honderden vrienden om te maskeren dat we eigenlijk niemand hebben waar we echt mee kunnen praten. Het internet, waar door emoticons zelfs emotie niet meer oprecht is.

Tijdens de fietstocht van het station naar huis zag ik twee ruziënde mensen. Een geschil over een verkeerssituatie. Een van de laatste noodzaken tot menselijk contact met een vreemde. Wars van begrip scholden de heren elkaar verrot. Geen moment rekening houdend met het feit dat ze misschien beiden haast hebben en geen kwaad in de zin hadden. We zien de persoon achter de mens niet meer. We zitten vast in onze eigen wereld. Niet beseffend dat we die wereld delen met zoveel anderen. Waar we voor onszelf de hoofdpersoon zijn, zijn we voor de ander slecht een vluchtige bijrol, een figurant. Opgemerkt en weer vergeten. De consideratie niet waard. Zou het niet veel mooier zijn…

En toen werd ik afgesneden door een of andere fossiel op een scootmobiel, hele gedachtegang verpest, eikel.

Related posts

Leave a Comment