Floor & Michiel in Thailand#2: Chinezen, Olifanten en Lady boys

IMG_4593.JPG

Best leerzaam, een vakantie naar Thailand. Zondag heb ik bijvoorbeeld geleerd dat je prima 80 kan rijden op een kronkelend bergweggetje met acht passagiers in de laadklep van je busje. En dat je als een van die passagiers met wat creatief zitwerk ook prima kan slapen als je maar moe genoeg bent. Heel langzaam begin ik zelfs in te zien dat reizen zelfs voor een cynische eikel als ik best mooi kan zijn. Tijdens het wassen van een baby-olifant naast een waterval in het oerwoud lijken al die dagelijkse zorgen opeens niet meer zo belangrijk. Misschien zou het leven best mooi zijn als vrijwillig olifantenverzorger in Chiang Mai. Ik zou er bijna een soort hippie van worden, bijna.

Na het extreem drukke, smoggige (geen woord, nou en) Bangkok is Chiang Mai in eerste instantie een verademing. In plaats van elke tien seconden, word je hier maar een keer per minuut lastig gevallen door een tuktuk-chauffeur. En zolang ik binnen een straal van tien meter rond mijn vriendin ben, vallen de lady boys me nauwelijks lastig. Voor drie euro per nacht konden wij onze tassen en zweetlichamen dumpen in een met TL-buizen verlicht bouwval bij het oude centrum van de stad. Veel authentieker dan zo’n Hilton, ofzo.

Zoals het een goed flashpacker betaamt zijn we niet wars van een dure excursie hier en daar. Vol goede moed gingen wij dus lekker ziplinen in de jungle. Dat wil zeggen, in een tuigje aan een kabelbaan van boom naar boom zweven als een soort aap. Chinezen vinden dit blijkbaar erg leuk. Al is het aan de taal moeilijk af te leiden of ze lachen, pijn hebben, bang zijn of klaarkomen. Wij als multiculti Nederlanders zijn niet vies van wat interactie met die Foe Yong Hai-vreters en roddelde vrolijk glimlachend over hun domme telefoonhoesjes en honkietonkie-taal. Over de goede afloop van het ziplinen zelf had ik als gezellig gebouwde blanke man enige twijfels, maar zowel de bomen als de stalen kabels bezweken niet onder de massale druk.

No riding. Please spread message to friend and family. Voor de sekstoeristen onder ons, maak je geen zorgen, dit geldt alleen voor de olifanten in Thailand. Als je de grijze reuzen ziet zou je zeggen, daar kan ik best op zitten. In tegenstelling tot paarden en ezels hebben olifanten echter een ruggengraat met een knik in het midden waardoor ze er makkelijker doorheen gaan. Ik wil een grap maken over WAO-lifanten, maar ik hou me in. No riding dus stelletje luie, dikke dierenbeulen!
Je mag de olifanten wel voeren (ze eten immers 250 kilo per dag), wassen en insmeren met modder. Klinkt misschien een beetje suf, maar een komkommer in de bek van een gigantische olifant stoppen, is ook na tien keer nog best spannend. Niet in de laatste plaats omdat de olifant in kwestie zijn poot maar dertig centimeter hoeft te verplaatsen om hem op je blote voet te zetten. Dit tripje deden we overigens met z’n drieen (Thais toetsenbord heeft geen trema), maar ik heb op het moment geen foto’s waar we allemaal opstaan, sorry Kiek 🙂

 

In de volgende aflevering gaan we naar de hippiehoofdstad van het noorden: Pai. Dit keer gaan we niet met het vliegtuig, maar gewoon netjes met een rammelend busje door de bergen. Kan nooit mis gaan dus.

Kapun, uhm, krap?

 

Disclaimer: Ik heb niets tegen Chinezen.

 

 

Related posts

Leave a Comment