De “echte” voetbalsupporter

Een echte Feyenoordsupporter praat over nul twintig. De naam van onze hoofdstad krijg je niet over je lippen als je de club uit Rotterdam-Zuid een warm hart toedraagt. Dit is de stellige overtuiging van een groot deel van de fanatieke aanhang. Het laatste decennium lijkt een nederlaag van Ajax een groot deel van het legioen meer deugd te doen dan een overwinning van Feyenoord. Dit heeft enerzijds te maken met het feit dat Feyenoord al tijden niet meer meedoet om de prijzen en anderzijds met een diepe haat die deze ‘echte’ supporters koesteren voor de club uit Amsterdam. Inderdaad, Amsterdam, zo noem ik de stad waar Ajax vandaan komt.

De rivaliteit tussen Ajax en Feyenoord is niets nieuws. In het seizoen 1917/1918 werd, onderdruk van clubs uit de lagere klasse, de eerste klasse B opgericht. De club die in deze klasse kampioen werd mocht dan meedoen om het officiële landskampioenschap. Dit zorgde ervoor dat een volksclub als Feyenoord zich kon gaan meten met traditionele elite clubs als Ajax, Sparta en HBS. De klasse werd evenwel niet serieus genomen door deze clubs en werd gekscherend de margarine eerste klasse genoemd. Hier begon de algemene animositeit tussen de clubs uit verschillende milieus. In het seizoen 1921/1922 promoveerde Feyenoord via deze weg naar de eerste klasse-west. De klassieker werd geboren.

Laat één ding duidelijk zijn: Rivaliteit is gezond. Door rivaliteit gaan teams beter presteren en hebben supporters speciale wedstrijden waar zij een heel seizoen naar toe kunnen leven. De klassieker is dan ook vrijwel altijd een prachtige wedstrijd. Zo werd het in de historie van de klassieker bijvoorbeeld pas één keer 0-0. Dit gebeurde in oktober 1978 in Amsterdam. Deze rivaliteit is echter de laatste decennia volledig uit de hand gelopen. Het ijkpunt hiervan was die zwarte dag in 1997 waarbij Ajacied Carlo Picornie van het leven werd beroofd. “De slag bij Beverwijk” werd deze dag genoemd. Het zou de naam kunnen zijn uit een campagne van Napoleon. Het was echter niet meer dan een vechtpartij tussen groepen die beide juichen voor een andere sportclub. Dit zal beide partijen toch wakker schudden? Nu zal die blinde haat toch wel ophouden? Nee, dat deed het niet. Vol afgrijzen hoor ik mede “supporters” deze dag zelfs nog wel eens triomfantelijk aanhalen. Een echte Feyenoorder is hier immers trots op!

Ik beschouw mijzelf als een zeer fanatieke Feyenoordsupporter. Bij een doelpunt spring ik een gat in de lucht en van een nederlaag ben ik dagen ziek. Toch zijn er in mijn directe omgeving veel mensen die het hier niet mee eens zijn. Zo waag ik het soms om bij een mooie aanname van Christian Erikssen mijn bewondering uit te spreken. Of loof ik het sterke spel van Jan Vertonghen bij Tottenham Hotspur. “Een echte Feyenoord doet dat niet, vieze jodenknuffelaar” krijg ik dan naar mijn hoofd. Het is voor mij de wereld op z’n kop. Ik ben een voetbalsupporter, geen soldaat in dienst van een paramilitaire beweging. Waarom is het onmogelijk om één club een warm hart toe te dragen, zonder een andere club te zien als het zaad van al het kwaad in de wereld. Natuurlijk is voetbal belangrijk, maar het is nog altijd een bijzaak, een bijzaak die ons vermaak moet brengen. Niet een rede om elkaar de hersens in te slaan.

Critici van de voetbalsport laken het feit dat er zoveel geld om gaat in zo’n stom spelletje waar eigenlijk alleen maar hersenloze tokkies naar kijken. Ons gedrag in het stadion is bepaald geen goed argument hier tegen. Echter kan voetbal zoveel meer zijn als wij ons als supporters hiervoor inzetten. De grote landen toernooien zijn hiervoor een prachtig voorbeeld. In de zomer van 2008 speelde het Nederlands elftal onder Marco van Basten twee fabelachtige wedstrijden. Iedereen hier weet precies waar ik het over heb. Iedereen hier die de samenvatting nu terug kijkt op Youtube zal er wéér kippenvel van krijgen. Na de wedstrijd tegen Frankrijk ging ik met vrienden de stad in. Iedereen was in feeststemming, onbekenden begonnen je spontaan te knuffelen en overal op straat werd gezongen. Nooit eerder voelde ik mij zo verbonden met mijn mede-Nederlanders. Dat kwam allemaal door die elf jongens, die eerder op de avond, die andere elf jongens uit Frankrijk van de mat hadden gespeeld.

Voetbal heeft de kracht om mensen te binden en, in ieder geval voor even, iedereen te verbroederen. Dit kan echter alleen als we ervoor kiezen. Voetbal heeft ook de kracht om mensen elkaar de hersens in te laten slaan en ervoor zorgen dat een moeder haar zoon moet begraven. Ik kies voor het eerste. Ik kies ervoor, spelers als Van Basten, Bergkamp, Litmanen en Kluivert te bejubelen, ook al komen zij van Ajax. Ben ik dan een nep supporter? Misschien wordt het dan tijd om de ‘echte’ supporters op te heffen.

Related posts

Leave a Comment